In deze paragraaf wordt de vennootschapsbelasting toegelicht.
Als gevolg van de invoering van de 'Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen' zijn gemeenten verplicht vennootschapsbelasting (Vpb) te betalen als zij een fiscale onderneming hebben. Deze wet is, mede onder druk van de Europese Commissie, ingevoerd om een gelijk speelveld te maken tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen.
Om te bepalen of er sprake is van een fiscale onderneming worden jaarlijks alle economische activiteiten geïnventariseerd. Van economische activiteiten is mogelijk sprake bij o.a. onderhoud van de wegen, exploitatie van de sporthal, exploitatie van de zwembaden, verhuur kermisstandplaatsen, grondexploitatie, verhuur sociale huurwoningen.
Ontwikkelingen
Het Ministerie van Financiën heeft zich eerder op het standpunt gesteld dat de gemeentelijke woningbedrijven een onderneming drijven in de zin van de VPB en dat ze daarom een afwijkende behandeling van woningcorporaties op dit gebied niet ziet zitten. De inspecteur heeft laten weten dat hij nog wel de feiten wilde verzamelen om de algemene stelling van het Ministerie mee te kunnen onderbouwen en heeft daartoe ons gemeentelijke woningbedrijf geselecteerd om zich een beter beeld te kunnen vormen van de werkzaamheden en dus het benodigde feitenonderzoek. Tot er uitsluitsel is over de belastingplicht voor ons gemeentelijk woningbedrijf is er op een voorlopige aanslag rekening gehouden met belastingplicht voor het gemeentelijk woningbedrijf. Op grond van de uitkomsten van voornoemd onderzoek bij het gemeentelijk woningbedrijf is door de belastingdienst geconstateerd dat er geen sprake is van een onderneming in de zin van de wet VPB 1969 voor het gemeentelijk woningbedrijf. Dit is door de belastingdienst per brief bevestigd. De reeds betaalde voorlopige aanslagen vennootschapsbelasting zijn of worden nog teruggestort.
Door de constatering dat er bij het gemeentelijk woningbedrijf geen sprake is van een onderneming in de zin van de wet VPB 1969, zal de te vermelden informatie over de VPB gering zijn. Vanaf heden zal er daarom geen aparte fiscale paragraaf meer worden gepubliceerd in begroting of jaarstukken.

